Post! Theo S.

Zeer geachte Heer,

Gaarne zou ik via deze weg het poetische lidmaatschap van uw organisatie willen aanvragen. Als eerste geloofsbrief kan ik u desgewenst mijn bundel Strategiedag 2 aanbieden, waarin ik de vervreemding van werkvloer en management probeer weer te geven. Daarnaast heb ik nog de nodige losse gedichten waarin opportunisme, machtmisbruik & gelegenheidsargumenten ruim aan bod komen………

Met vriendelijke groet,

Theo S.

docent Informatica

R1 kamer 4.44

Geachte heer Smit,

Welkom in ons midden. U maakt me nieuwsgierig naar uw bundel Strategiedag 2! Al moet ik toegeven dat ik met vervreemding niet zoveel heb. Het IPBK streeft dan ook naar een (ander soort) vertrouwdheid met organisaties en organiseren. Dit door oog en oor te hebben en te ontwikkelen voor de poëtische aspecten daarvan. Dit heeft per definitie geen nut, en dat is wel zo prettig. Bovendien hoef je er niet voor naar een museum of theater. Zo doet de toevoeging 'R1 kamer 4.44' in uw mail me denken aan een column van Gerrit Krol in het NRC Handelsblad van enige jaren geleden, getiteld 'Het oude kantoor'. Het zal u als docent Informatica ongetwijfeld aanspreken. Ik citeer de laatste twee alineas:
'Het mooiste kantoor dat ik ken dateert van 1967 en staat aan de zuidkant van Assen. Het is gebouwd op het grondtal 2. Het heeft twee verdiepingen, het is gebouwd als een vierkant (carré), het telt 2 x 2 x 24 = 128 kamers, die elk 4 x 4 meter meten en aan weerszijden liggen van een gang die eveneens 4 meter breed is. De wc's zijn 20 = 1 meter in het vierkant, wat niet erg royaal is, maar dat brengt de formule nu eenmaal met zich mee.
Het sympathieke was dat alle werknemers een even grote kamer hadden. Dus directeur en telexassistent hadden beide een kamer van 4 x 4. Iedereen was tevreden, want dit was communisme van het zuiverste water. De enigen die niet gelukkig waren, waren de aandeelhouders, vier in getal die elk jaar, in september, uit Den Haag en New York kwamen en een ruimere kamer wensten. Die kamer kregen ze, in de vorm van een groene uitbouw, met een bar, de zogenaamde groene kamer. Dat was het begin van het einde. Er kwam ook een directeur, die een speciale directeurstafel wilde. Hij bestelde daartoe een tafel die op één poot stond en zich verder aan de muur vasthield. Het blad, dat de fraaie vorm had van een parabool (zoals men weet, de enige tweedegraads kromme met een brandpunt in het oneindige) had een lichtblauwe kleur en een rand van goud - waardoor zijn kamer 'de meidenkamer' werd genoemd. Het gebouw staat nu te huur.'
Mijn welgemeende dank voor uw aanmelding. We zullen u op de hoogte houden van toekomstige activiteiten van het instituut.

Met de meeste hoogachting,

prof. dr. Frits Hoedje
 

 

Post! Reactie van Maayke B. te U.!

Geachte professor Hoedje,

Via de website van de Frozen Fountain (een winkel/gallerie op het gebied van moderne vormgeving en wooninrichting) kwam ik terecht bij het werk van Van Empel. Zie:
www.frozenfountain.nl/html/ruudvanempel.html
Ik raakte gefascineerd door het vervreemdende, haast surrealistische uitstraling van zijn werk. Gezien het feit dat het merendeel van de arbeidspopulatie veel tijd doorbrengt in organisaties en kantoren in het bijzonder, is het van belang dat kunstenaars een onderzoekende, kritische en/of esthetische blik werpen op deze alledaagse praktijk. Als je de kunstgeschiedenis doorloopt dan zie je dat verschillende kunstenaars in verschillende perioden Arbeid in beeld hebben gebracht. Bijvoorbeeld boeren, zeelieden, melkmeisjes, prostituees, fabrieksarbeid in de 19e eeuw. Het moderne kantoor met de moderne kantoorklerk in het postindustriële tijdperk hoort thuis in deze genealogie.
Ik hoop dat ik hiermee een antwoord op uw vraag heb gegeven.

Met vriendelijke groet,

Maayke B. te U.


Beste Maayke,

Dank voor uw reactie. Ik beschouw de foto's van Ruud van Empel als 'stimularia', d.w.z. als middelen om een andere kijk op organisaties, werken en organiseren te ontwikkelen. Anders in ieder geval dan de functionele kijk die de nadruk legt op produktiviteit en efficiency. Een dergelijke blik leidt wellicht tot materiële welvaart, maar is te beperkt voor ons mensendieren. Gevoelens van zinloosheid krijgen dan vroeg of laat de overhand. Het is mijn overtuiging dat het 'geraakt' worden door kunstwerken zoals van Ruud van Empel, of het hebben van eigen esthetische ervaringen binnen organisaties, ons op het spoor kan zetten van meer mensvriendelijke (poëtische!) manieren van managen en organiseren. Dit is de achtergrond van mijn project, het Instituut voor Poëtische Bedrijfskunde. Mocht u in uw zwerftocht over het internet nog leuke voorbeelden tegenkomen dan houd ik me van harte aanbevolen!

Met dankbare groet,

prof dr. Frits Hoedje

 

 

Post! Maayke B. te U.

Geachte professor Hoedje,

Hierbij stuur ik u een link van foto's die wellicht geschikt zijn voor uw project.

www.noorderlicht.com/ned/fest99/galcity/arteria/index.html

Met vriendelijke groet,

Maayke B. te U.

Beste Maayke,

Hartelijk dank voor de interessante link. Deze was mij niet bekend, en de tijd van de televisieserie ver vooruit. Hoe bent u op deze foto's gestuit, en wat is uw interesse in het onderwerp, als ik vragen mag?

Met nieuwsgierige groet,

prof. dr. Frits Hoedje
 

 

Post! Mattie P. te H.

Geachte professor Hoedje,

Een stakeholderonderzoek: wat moet ik daarbij voorstellen?

Groet,

Mattie P. te H.

Beste Mattie.,

Het betreft hier een onderzoek naar steekhouders van een organisatie. Dit zijn mensen voor wie de organisatie 'steekhoudt', dat wil zeggen betekenis heeft. Bijvoorbeeld omdat ze gebruik maken van de diensten van die organisatie, er werken, er iets aan verkopen, of er dagelijks langsfietsen en genieten van de architectuur van het gebouw of nieuwsgierig zijn naar de bedrijvigheid die zich binnen afspeelt. Zo'n onderzoek bestaat over het algemeen uit een reeks gesprekken tussen een onderzoeker en een aantal steekhouders. Hierover brengt de onderzoeker dan verslag uit aan het management van die organisatie. Wonderlijk is dat deze gesprekken vaak door het management uitbesteed worden, en daarmee de kans gemist wordt direct in contact te treden met die steekhouders. Maar misschien zijn ze daar juist een beetje bang voor.

Ik hoop u hiermee van dienst te zijn geweest.

Met vriendelijke groet,

prof. dr. Frits Hoedje
 

 

Post! Marcel K. te A.

Professor Hoedje!

Het IPBK heeft mijn nieuwsgierigheid gewekt! Poëtische bedrijfskunde??? Kun je met poëzie de bedrijfsorganisatie op orde krijgen? Of dient een bedrijf zo geolied in elkaar te steken dat het poëzie lijkt?

Groetz,

Marcel K. te A.

Marcel!

Wat leuk dat je nieuwsgierigheid wakker is geworden! Bij poëtische bedrijfskunde gaat het er niet om de bedrijfsorganisatie op orde te krijgen, maar juist het tegenovergestelde: poëzie kan de bedrijfsorganisatie ontregelen door oog te hebben voor het schone, onzinnige, absurde, kortom al datgene wat het leven zo boeiend en interessant maakt. Zie voor voorbeelden van dergelijke poëzie de rubriek Stimularia. 'Een bedrijf geolied in elkaar steken' is trouwens een hele mooie poëtische uitspraak:-)

Met poëtische groet,

prof. dr. Frits Hoedje